pedagogische nieuwsbrief oktober

5 oktober 2017


Pedagogische nieuwsbrief,  oktober 2017.

‘De wilsontwikkeling van peuters’

Inleiding
Voor u ligt de eerste pedagogische nieuwsbrief van SK Nissewaard. Als afgestudeerd pedagoog lees ik regelmatig interessante artikelen, interviews of merk ik in de praktijk dat er behoeften is aan meer informatie over een bepaald onderwerp. Middels deze brieven deel ik graag informatie, tips, actualiteiten en kennis met u.

Deze nieuwsbrief staat in het teken van de wilsontwikkeling van peuters. Hoe werkt ‘de wil’? Wat mogen we als volwassenen van peuters vragen? Hoe ziet de ouderrol eruit in het wilsleven van peuters? En wat zijn de drie ‘peuterwapens’?

We kennen allemaal de voorbeelden van peuters die zelf hun kleding willen uitzoeken of in de supermarkt scènes schoppen omdat kindlief geen bonen wil eten vanavond. Er ontstaat een machtstrijd om je eigen opgestelde regels en grenzen. In die situaties is het erg lastig om de wil van je peuter te doorbreken. Geef je toe of hou je voet bij stuk? 

Het wilsleven van een peuter

Het wilsleven van een kind kom je voortdurend tegen, omdat de wil altijd naar buiten toe gericht is, op het doen. Tot het vierde levensjaar wordt de wil vooral driftmatig bepaald en is het kind nog niet zo ver dat het die wil in de hand heeft of zelf kan sturen. Het is vooral het voorbeeld dat het kind uit de omgeving krijgt dat op deze leeftijd orde aanbrengt in het doen en laten van het kind. Omdat een kind jonger dan vier jaar nog niet over die vrije wil kan beschikken, zal datgene wat je als volwassene van het kind wilt en op een dwingende manier aan hem duidelijk maakt, problemen veroorzaken. Het kind heeft er geen antwoord op en zal zich afsluiten. Dit soort situaties zullen zich minder voordoen wanneer de wereld om hen heen zo is ingericht dat het accent ligt op wat er wél mag. Sleutelwoorden daarbij zijn goede gewoonte en duidelijke grenzen.

In het verlengde van het voorgaande ligt het probleem dat ontstaat als je aan een peuter vraagt wat hij wil en hem bijvoorbeeld een keuze laat maken uit een aantal soorten beleg voor op de boterham. Dat is voor hem nog niet of nauwelijks te overzien, en hij wil dus alles. Dit wordt ook wel keuzestress genoemd, als je kiest verlies je namelijk ook iets en dat kan uitmonden in een strijd.

Echter kun je nog geen beroep doen op de besluitvaardigheid van het jonge kind. Je vraagt dan iets wat een jong kind simpel weg nog niet kan. Dit betekend dat je heel vaak besluiten zult moeten nemen op basis van wat jij goed vindt voor je kind. Dat is niet makkelijk, en voor veel ouders zeker niet vanzelfsprekend, omdat met je kind overleggen en hen keuzevrijheid geven prettiger aanvoelt dan je kind beperken en zelf de leiding nemen. Om dit goed te kunnen doen moet je kunnen waarnemen wat het beste is voor je kind. Verder moet je jouw autoriteit durven te gebruiken vanuit de overtuiging dat je met de leiding die je geeft het kind veiligheid biedt en zekerheid. En dit alles begint al in de babytijd. Het is uiterst belangrijk om hierin de rol van ouder te pakken.

De ouderrol

Maar hoe ziet die ouderrol eruit? Middels de vijf onderstaande elementen gaan we hier dieper op in. 

1. Oprechte aandacht.
Kinderen hebben veel aandacht nodig op allerlei manieren. Naast de aandacht voor de veiligheid van peuters willen kinderen ook gezien worden. Het heeft de oprechte interesse en aandacht nodig van ouders zonder daar om te moeten vragen.
2. Ritme, gewoonte en rituelen.
Voor houvast, veiligheid en het kunnen begrijpen van het leven.
3. Regels en grenzen. Ze bieden houvast en scheppen orde.
4. Nee zeggen. Samenvattend kun je zeggen dat een peuter binnen veilige regels en grenzen heel veel ruimte nodig heeft om zichzelf en de  wereld te kunnen ontdekken, maar dat hij niet de ruimte moet krijgen om zelf de regels en grenzen te bepalen. Die grenzen stel jij als ouder. Hoe duidelijker die gesteld worden, des te makkelijker begrijpt het kind wat de bedoeling is
5. Straffen en belonen. Jonge kinderen hebben vaak aanmoediging nodig en niet zo zeer een beloning. Het is belangrijk om je te realiseren dat door middel van straffen een peuter enkel leert wat er niet mag. Als een kind zich verzet, voelt het zijn eigen kracht, en dat maakt hem sterk. Maar om die kracht te voelen hoeft het kind nog niet te ‘winnen’. Wanneer een kind ‘wint’, heeft hij de macht in handen en dat is heel onveilig voor een kind. Een kind vraagt in zo een situatie van een ouder om rustig en gedecideerd leiding te geven en het niet zover te laten komen dat er een machtstrijd ontstaat, daar kom je allebei gebroken uit.

‘De drie peuterwapens’.
Het niet willen eten, niet willen slapen en problemen rondom de zindelijkheid, worden ook wel de drie peuterwapens genoemd. Het zijn alle drie activiteiten die op het lichamelijke vlak afspelen. Een kind kan het alle drie alleen maar zélf. Dat maakt de problematiek ook zo lastig. Goed is om te onthouden dat geen enkel kind voor ogen heeft om met deze problemen met strijd de liefde van zijn ouders te verliezen.

Een kind dat weigert te eten zal niet opeens zijn verzet staken en met smaak gaan eten als de ouder hem het eten in de mond propt. Maar de kans is wel groot dat je met je kind in machtsstrijd verzeild raakt. Om dit goed aan te pakken zal er eerst uitgesloten moeten worden dat het om gezondheidsproblemen gaat van het kind. Daarnaast is het zinvol om naar de dagelijkse gang van zaken te kijken, dit aan de hand van de eerder genoemde vijf elementen. Zo kun je er wellicht achter komen hoe het probleem aangepakt kan worden.

1. Hoe staat het met het dagritme? Is er voldoende afwisseling in de dag? Wordt er te veel of juist te weinig van het kind gevraagd?
2. Krijgt het kind voldoende beweging? Komt het genoeg buiten?
3. Hoe staat het met de voeding? Past het bij de leeftijd? Ziet het er smakelijk uit?
4. Hoe is de aandacht over de dag heen verdeeld?
5. Worden er genoeg en duidelijke, of juist te veel, grenzen gesteld?

Ontbreken er één of meerdere elementen, of is er te weinig evenwicht? Dan zou daar de oplossing kunnen liggen.

Slot
De wil van het jonge kind is ook vaak zichtbaar aan tafel. Hier zal de volgende nieuwsbrief aan gewijd worden. Onder andere de eetopvoeding en de lust- ik niet- fase worden daarin behandeld.
Heeft u vragen/opmerkingen of suggesties voor onderwerpen? Dan hoor ik deze, middels de leidsters op de groep, graag!

 Hartelijke groet, Aniek Valkenier.